Nieuwsbrief 2010/1
KRUISPUNTBANK VOERTUIGEN IN DE MAAK

Op 17 maart 2010 werd in de Kamer een Wetsvoorstel ingediend ter oprichting van een Kruispuntbank voor voertuigen.

De nood om dergelijke overkoepelende databank in het leven te roepen werd gevoed door de vaststelling dat er in België nog steeds heel wat niet-verzekerde en niet-gekeurde voertuigen rondrijden, hetgeen soms de nodige kwalijke gevolgen heeft.

De Kruispuntbank zal echter geen echte fysieke verzameling zijn van de verschillende bestaande databanken, maar zal als aanspreekpunt dienen om de desbetreffende gegevens uit de verschillende databanken te kunnen consulteren. Het is dan ook veeleer een verwijzingsrepertorium.

Het doel van de Wet is tweeledig. Enerzijds is er de wens van permanente opspoorbaarheid van elk voertuig (eigendom) en anderzijds is er de wens om steeds een volledige controle te hebben op alle aspecten waaraan aan voertuig dient te voldoen (verzekering, inschrijving, keuring, douane,…).

Het uitgangspunt voor de identificatie van een voertuig zal niet langer de nummerplaat zijn, maar wel het chassisnummer en dit omdat ook de (nog) niet ingeschreven voertuigen aan de bepalingen van de wet onderworpen zijn.

Met het oog op de permanente opspoorbaarheid van élk voertuig in België zullen door de Wet een aantal nieuwe maatregelen gecreëerd worden die het mogelijk maken om ten alle tijde de eigenaar van een voertuig te achterhalen. Dit zal bereikt worden door drie registratiemomenten, met name 1) preregistratie van elk inschrijfbaar voertuig (d.w.z. registratie van elk voertuig dat in België wordt gefabriceerd of in België wordt ingevoerd); 2) registratie van elke eigendomsoverdracht; en 3) schrapping bij vernietiging of uitvoer van het desbetreffend voertuig.

Ten einde de naleving van de wet te verzekeren wordt in een systeem van ambtshalve registratie voorzien, alsmede van eigendomsvermoeden bij niet spontane registratie. Daarnaast wordt elke overtreding van de registratieplicht strafrechtelijk bestraft met een geldboete tussen de 150 en 500 EUR.
Zoals reeds vermeld, heeft de wet daarnaast eveneens tot doel om een volledige controle te hebben over de naleving van de wettelijke bepalingen inzake verzekeringsplicht, keuring, inschrijving, fiscaliteit,… van een voertuig. Via deze gegevensverzameling zal het makkelijker zijn om onder andere beslag te leggen op een voertuig. Ook zal de terugroeping van bepaalde wagens op een veel efficiëntere manier kunnen gebeuren.

In het kader van deze Wet dient ‘voertuig’ zeer ruim ingevuld te worden, namelijk zowel een motorvoertuig, een motorfiets, een bromfiets, een driewieler, een vierwieler, alsook een tractor.

Tenslotte dient nog opgemerkt te worden dat – nadat een eerder wetsvoorstel afgeketst werd omwille van onvoldoende waarborgen betreffende de bescherming van de privésfeer - dit wetsvoorstel sterkere waarborgen dienaangaande inhoudt, gaande van het bepalen hoe lang de informatie bewaard blijft, de partijen die toegang tot de informatie kunnen bekomen en het beroepsgeheim van de personen belast met beheer van de kruispuntbank.

Zoals in het begin aangegeven ligt dit wetsvoorstel thans ter discussie in de Kamer en is dit op heden nog geen wet. We houden u uiteraard op de hoogte van de ontwikkelingen betreffende deze wet.


WELDRA VERPLICHTE BRANDVERZEKERING

Naar aanleiding van de brand/ontploffing in de Leopoldstraat te Luik van januari 2010 is het idee gerezen om de brandverzekering voor woningen verplicht te maken (Wetsvoorstel 29/03/2010).

Deze verplichting zou ingevoegd worden in de reeds bestaande wet van 21 november 1989 betreffende de verplichte aansprakelijkheidsverzekering inzake motorrijtuigen, die aldus in zijn titel de aanvulling ‘en brand’ zou krijgen.

Overeenkomstig deze wet wordt het voor de eigenaar verplicht om een brandverzekering af te sluiten, en dit ongeacht of hij al dan niet in de woning woonachtig is. Deze verplichting rust eveneens op de (onder)verhuurder en (onder)huurder.

De voorwaarden en omvang waaraan deze verzekering onderworpen is, zijn hoegenaamd dezelfde als deze van de WAM-Wet, ook wat betreft de mogelijkheid voor een schadelijdende partij om zich desgevallend tot het Waarborgfonds te richten.

Indien deze wet effectief in voege zal treden, zullen ook de bepalingen van het burgerlijk wetboek – huur, worden aangepast. Artikel 1714 Ter B.W. legt meer bepaald aan de (ver)huurder op dat zij het bewijs van verzekering ten laatste bij de overhandiging van de sleutels dienen over te maken.

Wanneer de (onder)huurder geen brandverzekering afsluit, heeft de (onder)verhuurder de mogelijkheid om de huurovereenkomst op te zeggen, mits opzegtermijn van één maand.

Wanneer daarentegen de verhuurder zich niet aan deze verplichting houdt, beschikt de huurder – volgens de tekst van het wetsvoorstel - niet over deze mogelijkheid.

Voorts is het van belang er op te wijzen dat het niet afsluiten van een brandverzekering strafrechtelijk gesanctioneerd wordt en dit met een boete tussen 10 en 2.500 EUR. Als de eigenaar na drie maanden na het opleggen van de boete nog steeds weigert om een brandverzekering af te sluiten, kan opnieuw een geldboete worden opgelegd die gekoppeld kan worden aan de inbeslagneming van het goed gevolgd door een openbare verkoop. De opbrengst van dergelijke openbare verkoop zal, na betaling van de kosten en de boete, aangewend worden voor betaling van de nodige herstellingen.

Verder informatie volgt ongetwijfeld.

Voor verdere vragen dienaangaande kan u uiteraard contact opnemen met ons kantoor.



Algemene opmerking
Deze nieuwsbrief heeft tot doel u algemene informatie te bezorgen, maar kan geenszins aanzien worden als een allesomvattend advies. De tekst van deze nieuwsbrief kan aangewend worden mits bronvermelding en mits Advocatenkantoor Vankeirsbilck daarvan op de hoogte te brengen.